De pest

18 maart, ochtend

Dagen om na te denken over De Pest (1947) van Albert Camus dat ik momenteel – hoe kan het ook anders – aan het herlezen ben. De pest: een van de grootste wereldfabels van de 20e eeuw en van een opmerkelijke actualiteit. Het is bijna of je de ontwikkeling en verspreiding van Corona en Covid-19 etappe voor etappe volgt. De schaal is alleen beduidend kleiner waar het gaat om een Frans-Algerijnse havenstad die van de buitenwereld afgesloten wordt en niet om een ramp of plaag die zichzelf globaliseert, zoals nu.

Het knappe van dit boek is dat het tegelijk een allegorie is – in de eerste plaats van de in 1947 nog recente Tweede Wereldoorlog of meer specifiek: het nazisme – én een reële kroniek over een stad vol wezens van vlees en bloed, die door de pest geteisterd wordt. Harry Mulisch beschouwde De pest van Albert Camus, evenals Doktor Faustus van Thomas Mann, als een van de weinige eigentijdse ‘mythes’ die het gewicht van de eeuw konden torsen (In Twee opgravingen, 1995).

Centraal in de kroniek, waarvan hij tevens de schrijver blijkt te zijn, is dokter Bernard Rieux degene die de onontbeerlijke, zich drie slagen in de rondte werkende medische zorg symboliseert. Een spin in het web van tegenstellingen: een journalist die, vol verlangen naar zijn vriendin weg wil uit de stad, een priester die in een geruchtmakende preek laat doorschemeren dat de epidemie zo niet een straf van God is dan toch wel tot nadenken moet stemmen, en nog enkele andere personages die in meer of mindere mate hun schouders onder de bestrijding van de ziekte zetten.

Het ontroerende applaudisseren gisteravond in de straten van Nederland als hommage aan onze hulpverleners had een toegevoegde scène aan Camus’ grote roman kunnen zijn…

Is de moeizame zege aan het slot ervan wel een happy end? Nee, want er zal altijd vanuit het verborgene iets als de pest op ons blijven loeren, zo luidt de boodschap in de epiloog die overigens verre van moralistisch is – veeleer realistisch.  

Alleen in Frankrijk al zijn van La peste meer dan twee en een half miljoen exemplaren verkocht en ik denk dat je die oplage wereldwijd nog eens kunt verdubbelen of verviervoudigen. Tegenwoordig zegt dit niet zoveel meer, staan dergelijke cijfers meestal voor pleepapier – enfin, daar schijnt een nijpende behoefte aan te zijn op het moment dankzij hamsteraars in doodsangst. Daarom echter niet getreurd: wie de bewuste schappen leeg treft, kan probleemloos bij de boekhandel terecht.

Maar dan ook De pest van Camus aanschaffen! Om te lezen, wel te verstaan…

PG